Informatie

AudioQuest Diamond OptiLink

  • Glasvezels (Silicium-Oxide) met kleine diameter
  • Low-Jitter (Digitale tijdsfouten)
  • Nauwkeurig Gepolijste Vezeleinden
Op het audiofront gonst het vandaag de dag over het plezier dat je kunt hebben van HDMI-, USB-, FireWire- en Ethernetverbindingen. Maar deze digitale verbindingen van de huidige generatie zijn slechts een onderdeel van het hele verhaal, net zoals de uitdaging van het ontwerpen, fabriceren en kiezen van de beste analoge interlinks en luidsprekerkabels van onverminderd belang blijft. De S/PDIF (Sony®/Philips® Digital InterFace) die in 1983 samen met de CD verscheen speelt nog steeds een grote rol in onze huidige wereld. S/PDIF wordt verzonden door Digitale Coax of Toslink optische verbindingen (EIA-J), waardoor deze nog steeds tot de belangrijkste kabels in ons elektronische entertainment behoren.

Ondanks dat ze door de opkomst van HDMI niet meer zo vaak gebruikt worden om een DVD-speler met een AV-receiver te verbinden, worden Toslink kabels nog veel gebruikt bij set-top boxen voor kabeltelevisie, TV’s, Subwoofers en allerlei andere producten. De 3,5 mm. mini-optische connector, ook wel bekend onder de niet geheel correcte naam Mini-Toslink, zit zelfs overal op…van de 3,5 mm. dual-purpose hoofdtelefoon-uitgang op een Mac® laptop tot de ingangen op enkele van de beste draagbare muziekspelers.

Om al deze redenen hebben we bij AudioQuest onze lijn van serieuze, hoogwaardige OptiLink kabels vernieuwd en verfijnd. Alle modellen en lengtes zijn vanaf nu leverbaar in Toslink-Toslink en Toslink-3,5 mm Mini Optical.

Het antwoord op de vraag “hoe kan een optische kabel het geluid veranderen?” is gemakkelijker te beantwoorden dan bij zowat elk ander type kabel. Als de lichtbron een laser was die in een vacuüm zou schijnen zou al het licht recht blijven en altijd gelijktijdig op de plaats van bestemming aankomen. Maar zelfs als de LED-lichtbron in een Toslink systeem coherent zou zijn, dan nog zou het licht in een optische kabel afgebogen en verstrooid worden door imperfecties en onzuiverheden in de optische vezel. Dit is meetbaar als een verlies aan amplitude. Dat is echter geen probleem, zelfs een verlies van 50% aan amplitude zou geen effect hebben op de geluidskwaliteit.

Het probleem is dat het verstrooide licht wel door de kabel komt, maar pas nadat het een langere weg heeft afgelegd, als een biljartbal die van de rand afketst en daarom later aankomt. Dit vertraagde deel van het signaal zorgt er voor dat de computer die de informatie moet decoderen zijn werk niet goed, of zelfs helemaal niet kan doen. Dit probleem met decoderen doet zich het eerst voor bij hogere frequenties (geen audiofrequenties overigens, het is een monosignaal van digitale audio-informatie), een lagere bandbreedte is derhalve een meetbare signatuur van licht dat door een kabel wordt verspreid. Dus: hoe minder verstrooiing in de optische vezel, hoe lager de vervorming in het uiteindelijke analoge signaal dat onze oren bereikt.

Er is nog een belangrijk verstrooiingsmechanisme in het Toslink-systeem. De optische vezel heeft een relatief grote diameter van 1 mm. en de LED lichtbron is ook relatief groot, waardoor licht onder veel verschillende hoeken de optische vezel wordt ingezonden. Zelfs als de vezel absoluut perfect zou zijn wordt het signaal nog in de tijd uitgesmeerd, omdat licht dat onder verschillende hoeken binnenkomt ook verschillende paden aflegt en met verschillende vertragingen aankomt.

De bijna volledige oplossing van dit probleem is om honderden veel kleinere vezels te gebruiken in een bundel van 1 mm. Omdat elke vezel gelimiteerd is wat betreft de hoek waaronder het licht er in kan vallen treedt er veel minder variatie en dus veel minder verstrooiing op. Dit ‘klein-diafragma’ effect is vergelijkbaar met de manier waarop een speldenprik-camera een foto neemt zonder lens. Door licht alleen onder een beperkt aantal hoeken binnen te laten kun je een scherpe foto maken, terwijl het verwijderen van de lens bij een groot diafragma fotograferen juist onmogelijk maakt. Er gaat minder licht door een multi-vezel kabel, maar het licht komt er met veel minder tijdvertraging uit.

Er is dus één probleem – de verstrooiing van licht in de tijd – en twee wegen die naar een oplossing leiden: minder verstrooiing in de vezel (betere polymeren of zelfs kwarts) en minder verstrooiing door de hoek waaronder het licht binnenkomt te beperken. Hoe simpel is dat?! Luister en geniet…